Search

Buhay Isla Expeditie: per boot van Coron naar El Nido (Filipijnen)

Met meer dan 7000 eilandjes is het geen verrassing dat je op de Filipijnen nogal eens in het vliegtuig belandt. Praktisch, maar met nul avontuur. Je kunt op een handjevol plekken ook de boot pakken. Zo’n ietwat belegen vissersboot met van die bamboedrijvers aan weerszijden. Noordelijk Palawan is zo’n plek. Robinsonnend de Filipijnen door: slapen op verlaten stranden, snorkelen in geheime lagunes en bijbruinen terwijl een decor van fenomenale eilandjes zich aan je voorbijtrekt. Zomaar een handjevol dingen die je vanuit je vliegtuigstoel had moeten missen. We gaan in drie dagen per Buhay Isla Expeditie van Coron naar El Nido.

De meest gerenommeerde reisbladen ter wereld roepen het jaarlijks uit tot mooiste eiland ter wereld, backpackers zijn er niet weg te slaan en de stranden zijn er om over naar huis te schrijven. Palawan. De plek waar Alex Garland inspiratie opdeed voor zijn boek ‘The Beach’ – dat uiteindelijk niet op de Filipijnen maar in Thailand werd verfilmd. Dikke prima, want waar Koh Phi Phi al jaren uitpuilt is Palawan nog paradijselijk as ever. Bijna 1800 eilandjes vind je er. Sommige bewoond, de meeste niet. Alle gezegend met poederwitte stranden, palmbomen rijendik erachter, kleurrijke koraalriffen, verborgen lagunes en kalkstenen rotsformaties zó uitgesleten dat ze boven het turquoise water lijken te zweven. Een droom.

 

Buhay Isla Expedition


C O R O N

Coron Town, Filipijnen. Buiten lijkt elke haan in het dorp verwikkeld in een kraai-contest. Boven slingert een ventilator, beneden zweet de vloer. 05:30 uur. Nog 2,5 uur voordat we drie dagen van de aardbodem gaan verdwijnen. Buhay Isla, de organisatie die deze contreien op z’n duimpje kent, doet dit soort expedities ook in vier en vijf dagen, maar qua tijd (en avontuursdrift) leek ons een drie daagse voor nu voldoende. Na een gehaast ontbijt en een gehaaste tuk-tuk rit naar het rommelige haventje van Coron zouden we bijna vergeten dat we op weg waren naar onze ultieme onthaast-trip. Of ja, onthaasten. Er werd bij boeking van dit avontuur op ons hart gedrukt dat een en ander redelijk back-to-basic is. Weg van de bewoonde wereld (like!) en regelrecht de armen in van moeke natuur. En dat is dan weer niet per definitie paradijselijk en rooskleurig. Slapen op verlaten stranden, zandvliegen, muggen, kakkerlakken, kans op onstuimige overtochten, all day regenbuien (we zaten immers aan het einde van het regenseizoen – enkele dagen na onze trip zou Palawan zelfs het staartje van een tyfoon meekrijgen) en meer van dat werk. Maar goed, deze doemscenario’s waren een zorg voor later. Nu stonden we in de haven van Coron in het ochtendzonnetje handjes te schudden met onze medepassagiers. En dat zat gelukkig wel snor. Vier Belgen, acht Nederlanders en een Australiër. Daarnaast, om een en ander in goede banen te leiden een achtkoppige Filipijnse crew, met Romz als ervaren expeditieleidster-slash-killer-keukenprinses (dat laatste zouden we later pas achterkomen). Deze Filipijnse leidt al jaren expedities voor Buhay Isla en kent de noordelijke eilanden van Palawan als haar broekzak. Ook dat zat dus dik in orde.
Rond een uur of negen startten de motoren en laten we voor drie dagen de bewoonde wereld achter ons. Terwijl de drukte van Coron Town langzaam uit het zicht verdwijnt zetten we koers naar onze eerste stop van vandaag: Barracuda Lake. Een helgroene en door kalksteenrotsen ingesloten lagune. 70% zoetwater, 30% zoutwater en met een temperatuurtje van dik boven de 30 graden een prima eerste plek om het water in te zakken. Barracuda’s hebben we welgeteld één gezien. Maar dat zou zomaar te maken kunnen hebben met het feit dat we meer bezig waren met wat er boven water en om ons heen gebeurde, (lees: dat belachelijk mooie meer waar we met z’n allen in dobberden) dan eronder. Even verderop gingen we voor anker bij het Skeleton Shipwreck. Een van de vele Japanse oorlogsschepen die in de Tweede Wereldoorlog rond de eilanden van Palawan ten onder is gegaan. Hartstikke interessant hoor, zo’n door koraal overwoekerd scheepswrak, maar stiekem vermaakten we ons het best met de scholen wimpelvis die hier gortig banaan uit ‘t vuistje lustten (zie foto). Na een goed half uur was het dan echt tijd om de contreien van Coron, want daar waren we nog, achter ons te laten.  We varen uren en zien in de verte onbewoonde eilandjes met picture perfect strandjes. Soms leeg, soms met wat plaggenhutjes maar altijd voorzien van een streep poederwit strand en een dikke rij palmbomen erachter. Als er al een hemel bestaat is dit ‘m. Maar echt. Voor de lunch stoppen we bij Ditaytayan Island. Een klein eiland met op het meest noordelijke puntje een enorme zandbank. Regelrecht Instagram materiaal.

Ditaytayan Island

Die lunch was trouwens dik in orde. Net als de rest van de maaltijden die we de komende dagen zouden krijgen. Altijd met verse vis, vers fruit (waaronder de meest zoete mango’s ooit), knapperige groenten, Turon’s (gefrituurde loempiaatjes gevuld met banaan) en rijst. De ene keer met krab de andere keer met inktvis. Altijd vers gevangen door de Buhay Isla crew. Terwijl we op het dek van onze vissersboot uitbuiken komen we steeds dichterbij ons basecamp voor de eerste nacht. Zou het echt zo basic zijn als tijdens de briefing werd gezegd? Het einde van de middag naderde toen we voor een laatste korte stop bij Araw Beach aanmeerden. Een uitgestrekt boogvormig stuk strand, deel van de eilanden van Culion. Buhay Isla heeft hier een basecamp, maar deze wordt voor onze trip niet gebruikt. De lucht kleurt al roze als we richting ‘ons’ eiland voor de nacht varen en tegen de tijd dat het in zicht komt is het al pikdonker. Onder het maanlicht ziet het eiland er bijna sprookjesachtig uit. Een heuvelachtig silhouette met brandende fakkels op het strand en hutjes van bamboe erachter. Je zou spontaan zin krijgen in een eiland-raad. Onze boot gaat een stukje uit de kust voor anker en we worden per kajak naar ons basecamp gebracht. De zee lijkt nu nog het meest op een zwart dek waar we met de kajak’s en onze bagage kalmpjes doorheen peddelen. Ons onderkomen is een verademing – voor zover we kunnen zien. Comfortabel bijna. Bamboehutjes voorzien van matrassen en klamboes, buitendouches (lees emmers, maar toch – buiten, onder een sterrenhemel), een palapa-hut met grote eettafel eronder en meer dan voldoende Filipijnse rum. Terwijl we ‘s avonds met z’n allen op het strand onder een helder sterrendoek uitbuiken bedenk ik me dat het allemaal zo slecht nog niet is daar bij Buhay Isla.

 

L I N A P A C A N
Zeven uur, op een van de eilandjes van Linapacan. Het zonnetje schijnt door de kieren van de bamboehut. De klamboe boven me is insect- en spinloos. Bueno. Verderop tokt een stel kippen en slaat de zee met kleine zuchtjes op het strand. Another day in paradise. Het is nog vroeg maar het belooft weer een warme dag te worden. Bij daglicht zien we pas hoe mooi ons basecamp ligt. Tussen de palmbomen, aan een stuk strand met daarachter vrijwel direct een koraalrif. Dat zich trouwens prima laat zien, vanuit een kajak zo om zeven uur ‘s ochtends. Terwijl we ons vergapen aan het aquarium onder ons, wordt het basecamp langzaamaan wakker en staan Romz en haar crew te zwoegen op een ontbijtje waar het gemiddelde Filipijnse hotel nog wat van kan leren. Komt ‘ie: fluffy pannenkoekjes met maple sirup, omeletjes met gesmolten kaas en, zoals bij elke Buhay Isla maaltijd, een flinke lading vers fruit. De crew vertelt ons dat vandaag een relaxte dag gaat worden: goed weer, korte afstanden en meer snorkel- en luierstops. Iets met muziek in de oren. De eilanden om Linapacan zijn onze speeltuin voor vandaag. We laten ons op plekken als Kala Kala- en Manlegad Island in het water zakken, relaxen op Asis Beach en springen van kliffen af. En terwijl wij ons op de zoveelste plek vergapen aan zeesterren en omsingeld worden door scholen sardientjes speervist onze crew even verderop de lunch bij elkaar. Er was geen woord gelogen: vandaag was een goeie dag.

Ons basecamp was op hetzelfde eiland als gister, maar op een ander strand. En terwijl onze crew het ‘s avonds weer op een koken zette, haalden wij onze Filipijnse rum en flessen cola weer tevoorschijn. Onze Australische vriend zorgt voor een speaker en binnen no-time zaten we met z’n allen te proosten onder een palapa-hut. Jack Johnson en The Beautiful Girls uit de speakers en goed gevulde glazen rum/cola op tafel. Life is good in the Philippines. Op het menu staat een pompoencurry uit eigen tuin. We hoeven vast niet te schrijven dat deze ook weer om je vingers bij af te likken was. Ook fijn: bij Buhay Isla snappen ze dat een onbewoond-eiland-avontuur niet compleet is zonder een kampvuur. Dus die kwam er. Op het strand, onder een heldere sterrenhemel. Wat zeggen we, life is amazing in the Philippines! Het snorkelen en luieren eist z’n tol, dus rond tienen gaan we knikkebollend richting onze bamboehut. Buiten is het inmiddels een kakofonie van krekels, binnen een geritsel van insecten. Hulde aan de klamboe.

Basecamp views

E L  N I D O
Echt? De laatste dag? We waren nog lang niet klaar met dit avontuur en begonnen zowaar te twijfelen of we niet gewoon voor de vijfdaagse hadden moeten gaan. Goed, nog maar even volop genieten van deze laatste dag. Onze eindbestemming van vandaag is El Nido. Zonder twijfel de meest ge-backpackte regio van Palawan. Het kustplaatsje El Nido zelf is niet per se om over naar huis te schrijven. Het is er druk, overbevolkt zelfs, de infrastructuur is slecht en de hotels sober. De omgeving is wat het ‘m hier doet. Spectaculaire kalksteenformaties, een kleurrijke onderwaterwereld en verstopte turquoise lagunes. En met die lagunes (die maar zo zouden kunnen gelden als hoogtepuntjes van de trip) zouden we onze expeditie afsluiten. Voelen we ‘m al aankomen? Terwijl we in het zonnetje op het dek van de boot zaten, koersen we op een pikdonker doek van regen af. El Nido. De wens van de Big Lagoon en Cadlao Lagoon (de lagunes in kwestie) in het zonnetje zien met een strakblauwe lucht – in een klap weggevaagd. Kak. Waar we de afgelopen dagen in onze handjes mochten knijpen zag het er in de verte in El Nido een stuk beroerder uit. Het hoosde. Het duurde niet lang voordat we hutjemutje onder in de boot tussen onze bagage zaten en de regen tegen het zeil kletterde. Mazzelaars dat we waren, was de hoosbui maar van korte duur en klaarde het zowaar voorzichtig op toen we Cadlao Lagoon binnengleden.
Alles nog koek en ei

We laten ons nog een laatste keer bepakt met snorkels het kraakheldere water in zakken. Nog een keer vergapen aan zeesterren, anemonen met clownvissen erin, octopussen en ontelbare andere vissen. Nog een keer lunchen op de boot met verse vis, fruit en Turon’s en dan is het toch echt zover: de Big Lagoon. Onze laatste stop van de expeditie voor we weer op terug op de bewoonde wereld zijn. Door de wolken scheen een zwak zonnetje en af en toe miezerde het wat. Terwijl we voor de Big Lagoon aanmeren worden onze kajak’s klaargelegd en peddelen we binnen no-time de lagune in. Schrale troost: zelfs zonder strakblauwe lucht is ‘t een knapperd. Tegen de tijd dat we in El Nido aankomen is het al donker en begint het weer te regenen. Het haventje van El Nido ligt bomvol en via een vrachtschip klimmen we met onze bagage aan wal. Nog even een dikke knuffel aan onze fantastische crew en onze medepassagiers (die de expeditie goud hebben gemaakt) en op zoek naar vervoer richting ons hotel. Terwijl we even later doorweekt in de tuk-tuk door een donker El Nido hobbelen bedenk ik me met een glimlach van oor tot oor dat ik de afgelopen dagen voor geen goud had willen missen.

Dan nog even dit: het mooie aan Buhay Isla Expeditions is dat ze doen wat ze doen omdat ze van hun eilanden houden. Een club bevlogen islanders die je maar wat graag het Filipijnse eilandleven (Buhay Isla) laat zien. Verwacht kleine groepen, een gezellige crew, goed eten en geen benul van tijd of agenda.

3-daagse expedities van Coron naar El Nido en vice versa zijn te boeken vanaf omgerekend EUR 250 p.p. Een 5-daagse kost je EUR 375.
www.buhayisla.com

2 comments

    1. Hi Caro, thanks voor je bericht 🙂
      De meeste foto’s in deze post zijn gemaakt met een Olympus OM-D E-M10 Mark II. Een paar met de iPhone 7.
      De foto’s zijn iets opgeschmukt in photoshop

      Groet,
      Samir

Write a response

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Close
© 2015 - palmsandbricks.com
Close